|
Onze raadsleden hebben het heel erg druk. Met lezen van stukken en met heel veel vergaderen. Nou zijn ze daarvoor gekozen kun je zeggen, maar de vraag is of het niet anders kan dan we niet anders moet!
Mijn eerste vraag is of de gemeente niet te veel taken heeft die feitelijk ook door het maatschappelijk middenveld kunnen worden uitgevoerd, in principe zou de rol van de overheid terughoudend moeten zijn.
Alleen kerntaken, de rest de deur uit zou het principe moeten zijn.
Een afgewogen verdeling van verantwoordelijkheden tussen samenleving en de overheid zal zeker ook een bijdrage leven aan de financiering van ons bestel.
Een beroep doen op de burger en zijn organisaties leidt tot meer betrokkenheid en de rekening komt niet meer achteraf.
En dan het vergaderen. Een noodzakelijk kwaad maar probeer het te beperken, het kost veel tijd en geld in voorbereiding en uitvoering. Terwijl belangrijke thema’s vaak niet de aandacht krijgen die ze wel verdienen.
Een efficiënte weg zou zijn om drie soorten vergaderingen te hebben; een thematische, een opiniërende en een besluitvormende.
De thematische moet een belangrijk onderwerp aan de orde stellen.
Dat moeten er een paar per jaar zijn en daar mogen ook niet raadsleden aan deelnemen.
Belanghebbenden zouden een afgevaardigde moeten laten deelnemen.
De opiniërende is een voorbereiding op de besluitvormende. Ook hier mogen niet raadsleden aan deelnemen, maar ze moeten wel lid zijn van een politieke partij en namens die partij het woord voeren.
Knip de vergadering in delen de portefeuille houder zit voor.
De besluitvormende vergadering is alleen voor raadsleden; aftikken; de helft plus een.
Andere vergaderingen worden hier op afgestemd.
In de hele aanloop zo weinig mogelijk papier, iedere deelnemer kan op de site zin mening of reactie ook.
En dan de frequentie, maximaal drie vergaderingen per maand.
Discipline? Ja dat zeker!
|